Zelfstandige
Je stopt met de zaak. Waar leef je dan van?
Stel je voor dat jou iets overkomt, wat dan?
Je stopt met de zaak. Waar leef je dan van?
Ooit stop je met de zaak en dat betekent dat er geen inkomen meer uit komt. Omdat je niet alleen aangewezen wilt zijn op een AOW-uitkering is het verstandig om er vooraf voor te zorgen dat je vanaf je pensionering voldoende inkomen hebt. Daar ben je zelf verantwoordelijk voor.
Dat kan op verschillende manieren:
• Oude pensioenregeling voortzetten
• Bij een bank of verzekeraar sparen of beleggen voor een lijfrente
• Een oudedagsreserve vormen
• Sparen of beleggen
• Een verplichte pensioenregeling
• Als DGA pensioen opbouwen
• Stakingswinst omzetten in een lijfrente
Oude pensioenregeling voortzetten
Als je met je eigen zaak begint, is het soms mogelijk om de pensioenregeling van je vorige werk tijdelijk voort te zetten. Een voordeel daarvan is dat het risico van overlijden en arbeidsongeschiktheid gedekt blijft als je regeling daarin voorziet. Wel is het zo dat je zelf de hele premie moet betalen. Je kunt de premie drie jaar lang aftrekken van de belasting. Vraag bij je vorige pensioenuitvoerder of je de pensioenregeling kunt voortzetten en wat dat kost.
Bij een bank of verzekeraar sparen of beleggen voor een lijfrente
Je kunt ook sparen of beleggen voor een lijfrente. Dat kan bij een bank of bij een verzekeraar. Het geld dat je voor je lijfrente opzij zet komt uit je bruto inkomen. Dat betekent dat je het geld onder bepaalde voorwaarden kunt aftrekken van de belasting. Over het geld dat je gespaard of belegd hebt in een lijfrente hoef je geen belasting (vermogensrendementheffing) te betalen. Daar staat wel tegenover dat je niet zelf op ieder moment kunt beslissen hoe je het geld wilt besteden. Je moet er te zijner tijd een lijfrente (een periodieke uitkering) voor aankopen. Over die uitkeringen moet je belasting betalen. Wil je meer weten over lijfrentes klik dan hier. Als je je lijfrentegeld wilt beleggen is het verstandig je daarover goed te laten adviseren.
Je kunt een oudedagsreserve vormen
Als ondernemer mag je een deel van je winst als oudedagsreserve op de balans opnemen. Daarvoor moet je ook wel echt ondernemer zijn. Dat betekent bijvoorbeeld dat je jaarlijks ten minste 1.225 uren voor je onderneming moet werken.
Je mag dan 12% van je jaarwinst toevoegen aan de reserve met een maximum van € 11.811. De oudedagsreserve mag niet groter zijn dan het ondernemingsvermogen. Als je premie moet betalen voor een verplicht gestelde pensioenregeling, moet je deze premie in mindering brengen op het gestelde maximumbedrag. Je mag elk jaar opnieuw beslissen of je een deel van de winst als oudedagsreserve opneemt.
Let er wel op dat je met je oudedagsreserve niet een echt pensioen opbouwt. Je hebt alleen een fiscale reserve gevormd. Over die reserve moet je straks afrekenen met de fiscus.
De oudedagsreserve neemt verplicht af als:
• het bedrag je ondernemingsvermogen overtreft
• je de onderneming (deels) staakt
• je 65 wordt
• je geen 1.225 uur per jaar meer in de onderneming werkt.
Als de oudedagsreserve afneemt, wordt het bedrag van de afname weer bij je winst geteld en moet je daarover belasting betalen.
Het bedrag van je oudedagsreserve mag je doorschuiven naar een lijfrente. Wil je meer weten over lijfrentes klik dan hier.
Sparen of beleggen
Je kunt in de tijd dat je werkt, sparen voor geld voor later. Via een spaarrekening of door te beleggen. Het geld dat je opzij zet komt uit je netto inkomen en je kunt op ieder moment zelf beslissen hoe je het geld wilt besteden. Let er wel op dat je jaarlijks belasting (vermogensrendementheffing) moet betalen over je vermogen. Als je je geld wilt beleggen is het verstandig je daarover goed te laten adviseren.
Een verplichte pensioenregeling
In principe geldt dat jij als zelfstandig ondernemer zelf voor je pensioen moet zorgen. In sommige bedrijfstakken waar een verplicht gestelde pensioenregeling is, geldt die regeling echter ook voor zelfstandig ondernemers. Het is verstandig om uit te zoeken of dat in jouw situatie het geval is.
Ook kan het zijn dat jij een bepaald beroep uitoefent waarvoor een verplicht gestelde beroepspensioenregeling geldt. Bijvoorbeeld als je arts of fysiotherapeut bent.
Als er een verplichte pensioenregeling is, kijk dan of het pensioeninkomen uit die pensioenregeling voor jou voldoende is.
Als DGA pensioen opbouwen
Als je een eigen BV hebt en dus directeurgrootaandeelhouder (DGA) bent, kun je jezelf een pensioenregeling geven. Daarvoor gelden in grote lijnen dezelfde fiscale eisen als voor ‘gewone’ werknemers. Je kunt er voor kiezen je pensioen te verzekeren bij een verzekeringsmaatschappij. Je kunt er echter ook voor kiezen om pensioen op te bouwen in je zaak of in een aparte pensioen-bv. In dat geval gelden er wel een paar extra fiscale eisen. Als je zelf je pensioen wilt regelen, laat je daar dan goed over adviseren.
Stakingswinst omzetten in een lijfrente
Op het moment dat je stopt met je onderneming kun je je stakingswinst omzetten in een lijfrente. De hoogte van het bedrag dat je kunt omzetten, hangt af van je situatie.
• Als je 60 jaar of ouder bent of invalide mag je maximaal € 433.053 van je stakingswinst omzetten in een lijfrente. Dat bedrag geldt ook voor je nabestaanden als de onderneming wordt gestaakt doordat jij overlijdt.
• Als je 50 jaar of ouder bent, maar nog geen 60, mag je maximaal € 216.533 omzetten in een lijfrente.
• Als je jonger bent dan 50 jaar en een direct ingaande lijfrente koopt, mag je ook € 216.533 omzetten in een lijfrente.
• In alle andere gevallen mag je maximaal € 108.272 omzetten in een lijfrente.
Bij alle bovengenoemde bedragen geldt dat de bedragen verminderd worden met de bedragen die je als zelfstandig ondernemer eerder aan lijfrentes hebt besteed en met de voordelen uit een pensioenregeling gedurende de tijd dat je zelfstandig ondernemer was.
Stel je voor dat jou iets overkomt
Je denkt er niet meteen aan, maar het kan natuurlijk zomaar gebeuren.
• Je wordt ziek en je kunt niet meer werken
• Je overlijdt
Voor die situaties moet je er als zelfstandig ondernemer zelf voor zorgen dat er dan inkomen is voor jezelf of voor je partner/gezin.
Je kunt niet meer werken
Als je niet meer kunt werken, zal er op een andere manier brood op de plank moeten komen. Er is voor zelfstandig ondernemers geen wettelijk arbeidsongeschiktheidspensioen. Alleen als je verplicht deelneemt aan een pensioenregeling kan het zijn dat er voor jou inkomen is geregeld als je arbeidsongeschikt bent. Neem je verplicht deel aan een pensioenregeling, kijk dat dan even goed na!
De meeste ondernemers vallen echter niet onder een verplichte pensioenregeling en dan moet je het dus zelf regelen.
Dat kan door een arbeidsongeschiktheidsverzekering af te sluiten. Veel ondernemers zien op tegen de kosten van een dergelijke verzekering. Het is ook best veel wat je moet betalen. Je moet echter goed bedenken dat je zonder verzekering, het risico loopt dat je helemaal geen inkomen meer hebt als je niet meer kunt werken. De premies voor een arbeidsongeschiktheidsverzekering zijn wel aftrekbaar.
Er zijn trouwens behoorlijke prijsverschillen tussen de verzekeringen. Dat kan afhangen van het soort werk wat je doet. Het hangt natuurlijk ook af van de hoogte van de uitkering die je wilt hebben en de wachttijd die je afspreekt. Als je meteen als je niet meer kunt werken een arbeidsongeschiktheidsuitkering wilt hebben is dat natuurlijk veel duurder dan wanneer je pas een uitkering wilt hebben nadat je een half jaar (of nog langer) arbeidsongeschikt bent. Kijk dus goed hoeveel reserve je hebt voordat je echt een uitkering nodig hebt.
Je overlijdt
Heb je een gezin dat (voor een deel) afhankelijk is van de inkomsten uit jouw onderneming? Dan moet je een goed beeld hebben van het inkomen dat er voor jouw gezin is als jij overlijdt. Kan de zaak worden verkocht waardoor er inkomen is? Is er een overlijdensrisicoverzekering gesloten bij de hypotheek, zodat het huis vrij is van lasten? Komt er voor jouw gezin nog een partnerpensioen en wezenpensioen uit een vroegere pensioenregeling van jou? Dat moet je op een rijtje zetten. Als je denkt dat er te weinig inkomen is voor jouw gezin na jouw overlijden, zorg dan voor wat extra’s. Dat kan door zelf te sparen of te beleggen. Of door te sparen of te beleggen via een lijfrente.



