Veranderingen in uw privésituatie

Gaat u na uw pensionering samenwonen of trouwen? Dan heeft dit invloed op uw AOW. Als u alleenstaand bent, krijgt u de AOW-uitkering voor een alleenstaande. Dat geldt misschien ook voor uw partner. Dat verandert vanaf het moment dat u gaat samenwonen of trouwen. Dan krijgt ieder de AOW voor een samenwonende. Die uitkering is lager. Op de website van de Sociale Verzekeringsbank (SVB) vindt u meer informatie.

Uw voornemen om te gaan trouwen of samenwonen heeft meestal geen gevolgen voor uw ouderdomspensioen. Om zeker te weten hoe dat voor u uitpakt, kunt u het beste informeren bij uw pensioenuitvoerder. Het partnerpensioen wordt meestal alleen uitgekeerd aan de partner met wie u al getrouwd was (of samenwoonde) vóór pensionering. De partner met wie u na uw pensionering gaat trouwen of samenwonen komt na uw overlijden niet in aanmerking voor een partnerpensioen. Ook niet als u al jaren bij elkaar bent.

Heeft u een relatie, maar woont u niet samen?

Woont u niet echt samen met uw partner? Dan kan dat effect hebben op de hoogte van uw AOW. Staat u beiden op een verschillend adres ingeschreven, maar verblijft u in werkelijkheid vaak samen in één woning? Daarnaast is het voor de beoordeling van uw AOW-pensioen ook van belang of u zorg draagt voor elkaar. Bijvoorbeeld doordat u de kosten van de huishouding met elkaar deelt. U kunt dan door de SVB worden aangemerkt als samenwonende. In dat geval heeft u recht op een AOW voor gehuwden. Als u echter beiden een eigen woning heeft én aan een aantal voorwaarden voldoet, komt u mogelijk in aanmerking voor de tweewoningenregel. In dat geval krijgt u ieder de AOW voor een alleenstaande.

Bent u getrouwd en gaat een van u beiden in een verzorgings- of verpleeghuis wonen? Dan kunt u ervoor kiezen aangemerkt te worden als gehuwde of als alleenstaande. Als alleenstaande krijgt u een hogere AOW-uitkering.

Let op: uw keuze werkt door in andere regelingen en kan nadelig uitpakken. Zo kan een hogere AOW bijvoorbeeld ook leiden tot een hogere Wlz-bijdrage (Wet langdurige zorg). Ook kan het gevolgen hebben voor andere regelingen, zoals de huurtoeslag. Kijk dus goed naar de gevolgen voordat u beslissingen neemt over uw woonsituatie!

Heeft u geen relatie, maar woont u met iemand anders samen?

U hoeft geen relatie te hebben om een AOW voor gehuwden te krijgen. Als u bijvoorbeeld met een vriend of familielid in één huis woont, kan dit ook invloed hebben op uw AOW. Hierbij is van belang of u zorg draagt voor elkaar. Bijvoorbeeld doordat u de kosten van de huishouding met elkaar deelt. Meer over samenwonen leest u in de brochure AOW en gezamenlijke huishouding van de SVB. 

Als uw partner overlijdt

U krijgt de AOW voor een alleenstaande als uw partner overlijdt en u de AOW-leeftijd heeft bereikt. De uitkering van het ouderdomspensioen van uw partner stopt zodra hij of zij overlijdt. Als in de pensioenregeling van uw partner een partnerpensioen op opbouwbasis voor u verzekerd was, ontvangt u dit partnerpensioen. U ontvangt geen partnerpensioen als uw partner bij pensionering het partnerpensioen inruilde voor extra ouderdomspensioen óf als het een partnerpensioen op risicobasis betrof.

U krijgt geen partnerpensioen als u met uw partner getrouwd bent of bent gaan samenwonen na pensionering van uw partner.