ANW

De Anw (Algemene nabestaandenwet) zorgt voor een inkomen voor je nabestaanden. Je hoeft geen Nederlander te zijn om Anw te krijgen. Toch kun je er beter niet te veel op rekenen dat jouw partner en kinderen een Anw-uitkering krijgen na jouw overlijden. Als ze die krijgen, ga dan na of het voldoende is om van te leven. Heb je een pensioenregeling met een nabestaandenpensioen? Kijk ook hoeveel dat is. De Anw is er niet alleen voor gehuwden (en kinderen), maar ook voor samenwonenden. Onder bepaalde omstandigheden kan ook de ex-partner recht hebben op een nabestaandenuitkering.

Meer informatie over de Anw vind je op de site van de Sociale Verzekeringsbank, de instantie de die Anw-uitkering verzorgt. 

De voorwaarden

De kans dat je partner een nabestaandenuitkering van de overheid krijgt vanuit de Algemene nabestaandenwet (Anw) wordt steeds kleiner. Je partner moet dan:

  • op de dag van jouw overlijden jonger zijn dan 65 jaar én
  • òf geboren zijn vóór 1 januari 1950;
  • òf kinderen hebben die jonger zijn dan 18 jaar;
  • òf voor meer dan 45% arbeidsongeschikt zijn.

Je kunt dus nu al nagaan of je partner voor zo'n Anw-nabestaandenuitkering in aanmerking komt. Is dat niet het geval? Heeft je partner een eigen inkomen of zijn je kinderen al bijna 18 jaar? Tref tijdig maatregelen tegen de financiële gevolgen van je overlijden. Sluit bijvoorbeeld een Anw-hiaatverzekering af. Meer informatie over die verzekering krijg je bij de sociale verzekeringsbank.  

Hoeveel krijgt je partner?

De hoogte van de Anw-uitkering is 70% van het netto minimumloon.

De Anw-bedragen (exclusief vakantiegeld en tegemoetkoming in 2012 zijn:

Nabestaande:

€ 1.111,95 bruto per maand

Nabestaande met kind(eren) onder de 18 jaar:

€ 1.365,72 bruto per maand

De tegemoetkoming Anw bedraagt € 190,56 bruto per jaar.

Let op: Als je partner voldoet aan de voorwaarden, wil dat nog niet zeggen dat hij of zij de maximale uitkering krijgt. De overheid kijkt ook naar het inkomen van de achterblijvende partner. Veel nabestaanden die wél aan de voorwaarden van de Anw voldoen, krijgen daardoor een lagere of zelfs helemaal geen nabestaandenuitkering. De Anw-uitkering wordt niet gekort met het partnerpensioen uit je pensioenregeling, privé afgesloten lijfrenten, eigen vermogen of inkomsten uit vermogen.

De nabestaandenuitkering vervalt zodra je niet meer aan de voorwaarden voldoet of als je gaat samenwonen. Ga je echter samenwonen met een hulpbehoevende dan eindigt het recht op een nabestaandenuitkering maar gedeeltelijk. In dat geval houd je recht op een verzorgingsuitkering van 50% van het netto minimumloon. In 2012 bedraagt de verzorgingsuitkering € 718,18 bruto per maand (excl. vakantiegeld en tegemoetkoming). Deze uitkering is inkomensafhankelijk. Een onafhankelijke arts beoordeelt of sprake is van hulpbehoevendheid.

Halfwezen

Een halfwees is een kind onder de 18 jaar waarvan één ouder is overleden. De verzorger (vaak de overgebleven partner) van het kind komt in aanmerking voor een halfwezenuitkering. De hoogte hiervan is onafhankelijk van het aantal kinderen of het inkomen van de verzorger. De hoogte van de halfwezenuitkering bedraagt 20% van het netto minimumloon.

De halwezenuitekering bedraagt € 253,77 bruto per maand (excl. vakantiegeld)

De uitkering stopt als alle kinderen 18 jaar zijn, of de verzorger van het kind 65 jaar wordt. 

Wezen

Als beide ouders zijn overleden, hebben kinderen recht op een wezenuitkering.
Die is niet afhankelijk van een eventueel ander inkomen, maar wel van de leeftijd van het kind. De uitkering stopt op het moment dat het kind 18 jaar wordt, maar kan worden verlengd als hij of zij arbeidsongeschikt is, studeert of samen met andere kinderen het huishouden verzorgt.

De wezenuitkeringen in 2012 bedragen:

Wees tot 10 jaar:

€ 355,82 bruto per maand per kind (excl. vakantiegeld)

Wees van 10 tot 16 jaar:

€ 533,82 bruto per maand per kind (excl. vakantiegeld)

Wees van 16 - 21 jaar:

€ 711,65 bruto per maand per kind (excl. vakantiegeld)

 

Share |